ITEMS ARE CHANGING / MAX BRUINSMA & THONIK / 12 MAA 09

Items is in de loop van de jaren uitgegroeid tot clubblad van ontwerpend Nederland. Maar zelfs het clubblad, of misschien juìst het clubblad, heeft behoefte aan herziening.

Onder leiding van hoofdredacteur Max Bruinsma, met Amsterdams bureau Thonik als vormgevende partij, ging Items op de schop. Een nieuwe formule, een nieuw formaat, nieuw papier, nieuwe letter. Met het voorspelbare gevolg dat het lezerspubliek moet wennen. Dat blijkt bij sommigen met weemoed gepaard te gaan. Het Zefir7-publiek popelde om onthullingen rond het hoe en waarom van de nieuwe Items.
Hoe zet je een tijdschrift opnieuw op de rails? Max Bruinsma, met zijn jarenlange ervaring bij Eye, was de gedroomde hoofdredacteur. Bruinsma koos, na een korte pitchfase, Amsterdams bureau Thonik (vanavond vertegenwoordigd door Thomas CONTACT _Con-3E0F18BDB8 \c \s \l thomas widdershoven) voor de vormgeving. Steekwoorden uit de briefing: flow, interactie, integratie tekst/beeld. Hun gezamenlijke presentatie bestaat uit een pdf met de spreads uit het eerste, reeds gepubliceerde nummer, en het tweede dat nog in ontwikkeling is. Bruinsma en Widdershoven lieten zich niet in sterke woorden uit over de kwaliteit van vorige edities. Wat er moest blijven, wat er moest er gaan en waarom, die vragen liggen duidelijk achter hen. Maar natuurlijk moet je bij ieder project iets kiezen om je tegen af te zetten. In dit geval werden dat voor Thonik de ingezonden lettertypen die zich in vorige edities sterk profileerden. Vanaf nu zal dienstbaarheid het toverwoord zijn.

De eerste editie van de vernieuwde Items viel in februari van dit jaar op de deurmat. Het compacte formaat, de papierkeuze en de volvlak-zilveren cover stonden in compleet contrast met de vorige vormgeving. In plaats van de kenmerkende ligatuur van de vorige editie doorklieft nu een tekenhaak het nieuwe log. Tevens keert de haak terug op verschillende opengingspagina’s. Naast deze haak zijn er sprekende kopregels die de lezer grip moet geven. Hierdoor, legde Widdershoven uit, ontstaat er een ‘flow’ van artikel naar artikel, die de lezer door het tijdschrift leidt. Bij het onderdeel ‘redactioneel’ is er ruimte voor de vormgever om te reageren op de inhoud van het artikel, zodat er naar het ideaal van Bruinsma een wisselwerking ontstaat tussen inhoud en vorm. Ook poogt Thonik een stempel te drukken op de beeldredactie, door zelf de besproken boeken te fotograferen. In de tweede editie zien we dat sommige elementen verder uitgewerkt zijn, andere weer losgelaten. Bruinsma & Thonik geven zich zes nummers de tijd om tot de definitieve vorm te komen. Hetzelfde geldt voor de website die nog in ontwikkeling is.
De vormgeving van iedere editie zal binnen de studio door verschillende vormgevers worden opgepakt. Zo kan de hele studio profiteren van wat in feite een sponsoropdracht is.
Onoverkomelijk feit blijft namelijk, dat het Nederlandse designtijdschrift niet méér wil lijken te worden dan de dure hobby van een idealistische uitgever. Bruinsma constateerde nuchter dat het blad inderdaad moeite heeft zijn eigen broek omhoog te houden. Hoe het komt dat in een designland als Nederland, een designblad niet rendabel is, daar komt het publiek vanavond niet achter. Wel leren we dat 25 procent van Items wordt betaald door de als editorial content vermomde advertenties in de rubriek ‘Cases’. Thonik eiste bij aanvang van de opdracht dat deze rubriek zou worden geschrapt, maar er moest toch brood op de plank komen. De cases mochten vervolgens als ongewenste maar getolereerde schoonmoeder toch bij het familiediner verschijnen.
Thonik, dat zich doorgaans met helder, kleurrijk, typografisch werk profileert, heeft zich met de vormgeving van Items op onbekend terrein begeven. Dat het eindresultaat juist niet dat herkenbare Thonik-handschrift bevat, vindt Widdershoven zelf het avontuur. Of het ook een geslaagd avontuur is, zal in de komende maanden blijken. Bruinsma en Widdershoven lijken in ieder geval niet zeer bereid om hun beweegredenen te onthullen. Er blijven een hoop vragen onbeantwoord en het publiek dwong de presentatoren niet tot meer openheid. Iedere twee maanden zullen Bruinsma en Thonik de kans krijgen om zich te bewijzen in een medium dat hen wellicht lekkerder ligt dan de lezing. Namelijk waar het ertoe doet: op de pagina’s van Items.

Anne Miltenburg

BEKIJK DE UITNODIGING

^

 


^